"Verloren
schoentjes".
Het was die dag prachtig weer.
Ik moest op mijn broertje passen voor de zoveelste keer
Hij was wat verkouden en mocht niet naar buiten.
Vrolijk lachte de zon naar me door de ruiten.
Al mijn vriendinnen waren naar het bos.
Ik wilde ook die gedachte liet me niet los.
Eigenlijk vond ik het niet eerlijk.
Naar het bos was voor mijn broertje toch zeker heerlijk.
Ongehoorzaam en met een schuldgevoel.
Nam ik mijn broertje mee, toch naar het bos was mijn doel.
Het was een fikse wandeling met die stroeve wandelwagen.
Had ik het beter niet kunnen doen? Liep ik me steeds af te vragen.
Eenmaal in het bos was er geen vriendin te bekennen.
Waar zaten ze toch? Ik ging steeds harder rennen.
Hijgend vroeg ik iemand hoe laat het was.
Veel te laat dat besefte ik toen pas.
Nog harder rende ik naar huis.
Hopelijk waren mijn ouders nog niet thuis.
Vlug mijn broertjes jas alvast uit gedaan
"O nee" hij had zijn schoentjes niet meer aan.
Hoe moest ik dat aan mijn ouders uitleggen.
Vlug gaan zoeken dan hoefde ik niets te zeggen.
"Hup"mijn broertje weer in de wandelwagen.
Gelukkig was hij te klein om uitleg te vragen.
Ik holde dezelfde weg weer terug.
Hard hijgend het zweet stond op mijn rug.
Zijn schoenen lagen keurig netjes op de weg.
Hoe ik me toen voelde hoeft geen uitleg.
Op de weg terug leek het of ik vleugels had.
De schoentjes tegen me aan gedrukt als een grote schat.
Als mijn ouders er nou maar niet waren.
Dan hoefde ik niets te verklaren.
Net binnen mijn broertje netjes in de box daar kwamen ze aan.
Ze vroegen direct alles is zeker goed gegaan?
Heb je een fijne rustige middag gehad?
Nou bedankt hoor je bent onze schat.
Het schuldgevoel maakte me behoorlijk stuk.
Maar die gevonden schoentjes dat was een geluk.
Annie